November 2012

afbeelding van Mariëtta

November 2012 di, 30/10/2012 - 07:36 - OLYMPUS DIGITAL CAMERA         ©043. Malagassische vrouw met zandmasker

In Nosy Mitsio blazen Paul en ik even uit. Niet zozeer van de enerverende ronding van Kaap Amber, want die was zo moeilijk niet, maar vooral van het intermezzo van drie weken dat wij vorige maand noodgedwongen moesten inlassen. We realiseren ons dat het leven broos is. Er hoeft maar dàt te gebeuren en ineens is alles anders. Even hebben we gevreesd de reis zelfs niet af te kunnen maken. Gelukkig hoeven zulke bedenksels er nu niet te zijn, nog niet in ieder geval. Het is nu dubbel heerlijk dat we de reis naar Kaapstad kunnen vervolgen. Wel rest ons niet al te veel tijd meer voor dit prachtige eilandengebied van Madagaskar, maar dat is omdat inmiddels het orkaanseizoen voor de deur staat. Officieel begint dat voor dit gebied op 1 december. Een orkaan is iets wat wij ten alle tijden willen voorkomen. Jullie zullen vast wel via de media beelden van de orkaan Sandy hebben meegekregen. Doorgaans komen ons dit soort berichten later pas ter ore, als we daar varen, waar ook internet voorhanden is. In ieder geval willen wij het risico op zulk slecht weer zo klein mogelijk houden. Daarom, niet te lang luieren hier en zo snel mogelijk naar zuidelijke breedtes snellen. Kaapstad is nog 2500 mijlen van ons verwijderd.

Dus, na twee dagen rust en wat leuke gesprekken met bewoners van Nosy Mitsio en wat uitwisselen van cadeautjes, zeilt Nije Faam in zuidelijke richting naar Nosy Be. Het water is glad, geen golven hier in het Mozambique kanaal, wat een schitterend zeilgebied. Gribfiles vertellen ons dat er nauwelijks wind staat. Dat zal wel, maar we kunnen toch lekker zeilen, er staat dagelijks een zonnewind. vr, 26/10/2012 - 08:12 - 029. Op weg naar Nosy Be ©029. Op weg naar Nosy Be
De zon verwarmt de aarde, de aarde verwarmt de lucht boven de aarde en lucht stijgt op. Vanuit zee wordt deze lucht aangevuld. Het waait naar het land toe. ’s Nachts is het andersom. De zee is nog warm terwijl het land snel afkoelt. De wind waait vanaf land naar zee. Daarom staat hier toch regelmatig een knoopje of 12 tot 15 wind. En daarop zeilt Nije Faam prima.
Tussen de eilanden Nosy Be en Nosy Komba staat de wind recht op de neus en wordt het ijzeren zeil om assistentie verzocht. In dit vaarwater zien we de eerste dhows. Prachtige Arabische zeilboten met beweegbare mast en een latijnzeil. Al honderden, zo niet duizend jaren varen deze traditioneel gebouwde schepen tussen de eilanden en het vaste land. Zo te zien kunnen deze houten dhows erg hoog aan de wind zeilen. ma, 29/10/2012 - 14:03 - 057. Arriverende Dhow in Nosy Be ©057. Arriverende Dhow in Nosy Be
Net voor het donker komen we aan in Nosy Be.
Nosy Be betekent ‘groot eiland’ in het Malagassisch. We liggen voor het stadje Hell-ville. Op de rede van Hell-ville liggen ook twee containerschepen. Hell-ville wordt bevoorraad! Vanuit de kuip is die gang van zaken goed te aanschouwen. vr, 26/10/2012 - 16:19 - 049. Containervervoer met duw(trek)bak ©049. Containervervoer met duw(trek)bak
Vanaf de kade wordt een soort platte schuit naar een van de containerschepen gesleept. Daarin wordt vanaf het grote schip een container gehesen. Die container wordt op de platte schuit naar de wal vervoerd. Daar staan een boel mensen, echt een heleboel, die de goederen op hun rug uit de containers sjouwen en verdelen. Waar wordt in busjes gepropt. za, 27/10/2012 - 13:31 - 035. In het havengebied ©035. In het havengebied
Maar ook gaat veel van de waar, balen, zakken en dozen, naar grote dhows. Als dan rond het middaguur de wind opsteekt vullen de zeilen van de dhows zich met wind waarna ze er pijlsnel vandoor gaan. De ene na de andere traditionele zeilboot verlaat de haven van Nosy Be om er de volgende ochtend weer leeg, of met handel voor Nosy Be terug te komen. za, 27/10/2012 - 13:26 - 054. Goederenvervoer naar omliggende eilanden met Dhows ©054. Goederenvervoer naar omliggende eilanden met Dhows
Mooi jôh. Als ik de grote moderne bevoorradingsschepen wegdenk zou het een liefelijk tafereeltje uit vorige eeuwen kunnen zijn.
Paul en ik willen naar de wal. Kijken hoe het leven in Hell-ville eruit ziet. Door de kijker tuurt Paul een poos om te zien waar een dinghy aanmeerplek zou kunnen zijn. Even later roeien we in Famke naar de wal. Het is er druk met kleine bootjes. za, 27/10/2012 - 10:03 - 052. Dhow in Hellville, Nosy Be ©052. Dhow in Hellville, Nosy Be
En het is er een gore bende. Een stukje voor de wal stappen we uit de dinghy en waden op blote voeten door de blubber naar de kant. Iedereen doet dit hier zo, voor hier een normale gang van zaken. In het water drijft veel plastic afval, tussen mijn tenen voel ik het krabbelen en kriebelen. Paul knoopt Famke vast aan een stuk ijzer. Eenmaal aan de wal lopen we nog een stukje verder op blote voeten tot ze droog zijn en trekken dan onze schoenen weer aan. Getsie, zand tussen mijn tenen.
In de straten van Hell-ville is het gezellig druk. Om de haverklap stopt er een taxi die ons een rit aanbiedt. Net als in Île Sainte Marie zijn ook hier vele Tuctucs en Pouchepouches. We lopen liever en kijken naar het bonte spektakel om ons heen, maar zoeken vooral een waterkraan. Die vinden we bij een groenteboer. Die staat trouwens wel vreemd te kijken als wij eerst onze voeten wassen voordat we groenten en fruit kopen.
Met een rugzak vol verse vitamientjes lopen we door het levendige stadje en passeren een monsterlijke kerk. Het straatnaambordje Course de Hell, za, 27/10/2012 - 12:38 - 038. De weg naar de hel ©038. De weg naar de hel
‘Weg naar de Hel’, prijkt op de hoek van de kerk. Dat is nou wel weer leuk.
We snuffelen wat in souvenirwinkeltjes en genieten een smakelijk dagmenu in een restaurant. Als we terug bij de dinghy komen is het water veel hoger geworden. De bevestiging van de dinghy is een eind onder water. Paul hoeft net niet te duiken in dit gore water om de bijboot los te krijgen. Volgende keer iets beter rekening houden met het tij.
Dat doen we. Bij hoogwater gaan we nog eens boodschappen doen. Met drie jerrycans diesel à 25 liter, twee kratten bier, 24 flessen water en cola, anderhalve kilo zeboe en een zootje jammiejammies rijden we in een taxi terug naar Famke. Daar aangekomen moet Paul nog een uurtje wachten tot het water voldoende gestegen is om met die vracht weg te roeien. Jammer dat hier niet een mooie drijvende steiger is. Maar ach, op een bepaalde manier heeft dit ook wel weer zijn charme. Terwijl Paul de boel naar Nije Faam roeit loop ik nog even naar een straatjeza, 27/10/2012 - 13:00 - 036. Verkoopstalletjes van borduurwerk ©036. Verkoopstalletjes van borduurwerk
waar in kleine stalletjes Malagassische vrouwen zitten te borduren. Zij borduren de hele dag aan tafelkleden, dekbedovertrekken, lakens, gordijnen etc. terwijl ze aldoor kletsen met hun buurvouw. Het ziet er gezellig uit. Graag wil ik iets van hun handel kopen, maar bij wie ga ik dat doen? Er zijn zoveel vrouwen. En wat koop ik dan? Ik heb last van keuzestress. Gebeurt wel vaker als het aanbod overweldigend is, doorgaans kom ik in zo’n situatie met niets terug. Maar nu ben ik niet van plan nog eens terug te komen. Niet nog eens met de dinghy door die zooi op het strand. Help. Ik kies enige dingen die mij erg aanspreken en vind het zielig voor de vrouwen van wie ik niets koop. Terug bij het strand wacht Paul al op me. Aan boord ruim ik alle boodschappen op.
Tegenover Nosy Be ligt het kleine eilandje Nosy Kely. Daar kan men mooi snorkelen. En dat wil ik graag. In de middag wordt het anker opgetakeld en zeilen we erheen. Er liggen een paar andere bootjes voor anker bij Nosy Kely. Daarmee zijn toeristen naar dit eilandje gekomen. Terwijl ik al in het water lig te koekeloeren komt er een ‘parkwacht’ naar Paul toe om de entree fee te innen. Kennelijk bevinden we ons in een nationaal park. Even later snorkelen we samen tussen duizenden bontgekleurde visjes en schitterende koralen door. wo, 31/10/2012 - 11:22 - OLYMPUS DIGITAL CAMERA         ©091. Snorkelen bij Nosy Kely
Een grazende waterschildpad maakt het idyllische moment helemaal compleet. Nu het blijkt dat Nosy Kely een nationaal park is, en dat alle mensen vanavond hier verdwijnen, lijkt het Paul en mij leuk hier ook voor de nacht te blijven. Het anker zit goed in de grond maar toch maakt Paul een extra vanglijntje vast aan een mooringboei van een van de charterschepen. Als we bij het maanlicht nog even van een glaasje nippen komt er, bijna onhoorbaar, een bootje naderbij met vier donkere Malagassiërs. Blijken dit opnieuw de rangers van het nationale park te zijn. Zij vragen ons of we hier de nacht willen doorbrengen. Ja, daar lijkt het wel op, nietwaar? Of we dan nog maar even willen schokken, nog eens een fee betalen. Ik wil weigeren omdat we al een keer betaald hebben en zij bovendien geen reçu overhandigen. Paul wil geen gelazer. En braaf betalen we opnieuw 10.000 Ariary pp. Gierend van de lach verdwijnen de boys.
De romantische nacht aan dit bounty eilandje wordt regelmatig onderbroken doordat er een flinke wind opsteekt die Nije Faam laat schudden. De ene keer hangt de boot aan het anker, even later weer aan de mooring. Het schip draait alle kanten op. Paul is die nacht veel in de weer met de twee lijnen. Uiteindelijk bevestigt hij beide lijnen aan de boeg. En ik slaap zoals zo vaak door al deze turbulentie heen.
De volgende ochtend zeilen we, voordat er verse toeristen arriveren, naar Russian Bay (in het Malagassisch Ambavatoby Bay genoemd). Aanvankelijk is de ingang moeilijk te zien, maar met de juiste coördinaten in de GPS wordt het zeegat gevonden. Direct na de ingang opent zich een schitterend, grote en zeer goed beschermde baai. Geen wonder dat een aantal Russen met hun oorlogsschip 'Vlotny', zich hier in 1905 zo goed konden verstoppen voor de Japanners gedurende de Russisch-Japanse oorlog. Zij bouwden hier destijds in hun eigen stijl grote huizen en slaapvertrekken.
Nu staan er in Andassy Be keurige rieten woninkjes naast de ruïnes van de voormalige Russische gebouwen. Een klein stroompje meandert door het dal. Bij laag water staan de huisjes ver van de waterlijn. Er vormen zich slikken en kreekjes als een soort mini waddengebiedje op het strand. vr, 02/11/2012 - 08:53 - 092. Nije Faam in Russian Bay, Madagascar ©092. Nije Faam in Russian Bay, Madagascar
Outrigger kano’s en mini dhows liggen dan op het droge. Bij hoog water hangen de bootjes vlak voor de huisjes aan hun mooringlijnen te dobberen. Wat worden die bootjes toch professioneel gemaakt, al eeuwenlang hetzelfde ontwerp en heden ten dage nog immer succesvol. Paul kan hier zo van genieten, van het kijken naar de gereedschappen waarmee men werkt en naar de houtsoorten waarvan deze schepen gemaakt worden. De eens Russische stenen woningen doen nu dienst als openlucht scheepswerven.
Als we door het dorpje Andassy Be wandelen komt er een jongen ons tegemoet met een certificaat in zijn hand. We moeten dit lezen. Het document is een aanbeveling, geschreven door een van de voorgaande cruisers, waarin staat dat Norman een uitstekende excursieleider is en van alles van de omgeving kan vertellen. Het is een mooi diploma, compleet met foto en stempels. OK, vertel maar op. Norman vertelt volop van de Russische geschiedenis van deze plek, dat zelfs een van zijn eigen voorouders een Rus was, wat wij overigens niet aan hem kunnen afzien. vr, 02/11/2012 - 09:39 - 108. Echtpaar aan de maaltijd in Andassi Be, Madagascar ©108. Echtpaar aan de maaltijd in Andassi Be, Madagascar
Via Norman krijgen we een inkijkje in het leven van deze Malagassiërs. Hij laat ons de botenbouw zien en vertelt van het wel en wee van deze samenleving. Vrouwen schminken hun gezicht met tamtam, een geelachtig zandpapje wat hun huid beschermd tegen de hitte van de zon of van het vuur. Op stokken worden vissen gedroogd, zo blijven die langer goed. Inktvissen hangen aan een rek te drogen. vr, 02/11/2012 - 08:53 - 098. Drogen van inktvis in Andassi be, Madagascar ©098. Drogen van inktvis in Andassi be, Madagascar
Later zie ik nog twee roggen in een boom hangen. Deze mensen leven bijna uitsluitend van wat de omgeving hen biedt. Hier is nauwelijks vervuiling te zien zoals in de steden. Ik zie geen plastic afval, geen kartonnen dozen en geen glas. We maken nog een praatje met de dorpsoudste. Hij zegt dat hij 81 jaar is. En dat hij nog gesproken heeft met Charles de Gaulle. Op het eind van de ‘excursie’ biedt de jongen ons aan om de volgende dag nog wat fruit te komen brengen. We kopen van hem een stang bananen, wat mango’s en papaja’s en betalen hem met onze laatste Ariary’s, een paar T-shirts, sokken en truitjes.
Een dagtocht brengt ons naar de Baramahamy rivier waar we voor anker gaan in Baramahamy Bay. Een outriggerman vraagt ons of we belangstelling hebben voor zijn wilde honing. Later komt hij een praatje maken. De outriggerman is door de weeks de onderwijzer van de school. Hij vraagt om schriftjes, potloden en pennen. Nu, op zaterdag, vist hij zijn kostje bij elkaar. Jammer genoeg hebben we geen schriftjes. Maar met de vislijn, vishaken en lege jampotjes is hij ook erg in zijn sas.
In dagtochten zeilen we langs de noordwest kust van Madagaskar. Via Berangomaina Point en Nosy Saba komen we uiteindelijk aan in Majunga waar Paul met de scheepspapieren en de paspoorten naar de wal roeit. Ik blijf aan boord omdat deze omgeving niet heel veilig schijnt te zijn. Terwijl Paul uitcheckt uit Madagaskar doe ik nog een zweetwas, de berg bezwete T-shirts gaat anders uit zichzelf aan de wandel in deze hitte. In de middag gaan we anker op om een nachtje door te zeilen naar Baly Bay. Dat zeilen valt vies tegen, we hebben een stevige wind op de kop en er staat een flinke stroom tegen. De motor zwoegt hard om hier tegenin te komen. Maar tegen de ochtend lopen we dan toch Helondrano Baly (Malagassische naam voor Baly Bay) binnen. Het is hoog water en dat is precies wat we nodig hebben om op een heel rustig plekje te komen. Het is niet zeker dat C-map hier juist is daarom varen we heel langzaam. Op de computer leg ik de track (ons spoor) vast en noteer de dieptes. Dit doe ik om straks een veilige route te hebben om deze plek weer te verlaten. Één keer hebben we slechts 20 cm water onder de kiel, maar de bodem raken we niet. Daarna wordt het weer dieper. Voor een dorpje wordt het anker uitgegooid. Op deze plek willen Paul en ik wachten op een mooi weatherwindow om het Mozambique kanaal over te steken.
Vijf dagen blijven we uiteindelijk hier in deze sauna. Er komt een loomheid over ons, we luieren veel. Allebei zijn we toe aan even niks, rust. Even alle emoties van vorige maand verwerken. De batterij opladen. Niks moet. Alles mag. We genieten van het decor van een nieuw Malagassisch dorpje waar het een drukke bedoening is en waar we niet heen gaan, nog niet. Soms komen kinderen in outrigger kano’s langs om een T-shirt of een broek te scoren. Dat kan, voor wat fruit, een kokosnoot of een papaja, niets voor niets. Wij dulden geen bedelaars aan de reling. wo, 31/10/2012 - 09:27 - 064. Komt voorbij aan Nije Faam in Madagascar ©064. Komt voorbij aan Nije Faam in Madagascar
Tegen de avond is er altijd een koud biertje en een koel wijntje te versmaden. Vaak spelen we het spelletje dat we van Map en Klaas in Perth kregen en wat wij ‘Unpredictable’ genoemd hebben. Pas na een paar dagen halen we de dinghy van het voordek en roeien naar de kantza, 10/11/2012 - 08:38 - 139. Nije Faam voor het dorpje Marotia in Baly Bay ©139. Nije Faam voor het dorpje Marotia in Baly Bay
om de benen te strekken. Op dit moment is het erg rustig in het dorp. We zien slechts enkele vrouwen, niemand spreekt Frans. za, 10/11/2012 - 08:39 - 143. Moeder en dochter aan de maaltijd in Marotia, Baly Bay ©143. Moeder en dochter aan de maaltijd in Marotia, Baly Bay
Ik maak wat foto’s van de mensen en hun huisjes en van enkele baobaps. Even later zijn we al weer op de terugweg naar onze relaxhut.
Op de gribfiles zie ik nog steeds geen wind van betekenis. Nog maar wat langer uitrusten. Op een zondag is het druk op het strand van het dorpje. Het is een komen en gaan van mensen in kano’s en dhows. In de middag is er ineens veel gejoel. Drie enorme outrigger kano’s komen aanscheuren. Kennelijk is er een wedstrijdje aan de gang. Gillende mensen op de boten. Rakelings scheuren zij aan ons voorbij. Mannetjes staan te balanceren op de outrigger om net iets hoger aan de wind te kunnen varen. Het publiek op het strand begint te juichen. Vlak voor het publiek maken de boten een draai naar het strand. Het mannetje wat op de outrigger stond springt op het strand en ogenschijnlijk eist hij de overwinning op. Wat een plezier daar. Voor Paul en mij is het ook genieten vanuit onze gluurhut. Meesterzeilers zijn het hoor, die inlanders hier. Niet alleen hier en nu, overal in Madagaskar. Zelfs als er maar heel weinig wind staat zien we de inlanders hun boten zo manoeuvreren om elk schepje lucht te kunnen meepikken. En als er helemaal geen wind staat? Dan wordt het zeil opgerold en peddelt men verder. Urenlang als het moet.
Inmiddels begint het aan boord echt te kriebelen. Paul en ik willen een start maken met de volgende passage. Naar Kaapstad is het nog 2220 mij. Eerst willen we het Mozambique kanaal oversteken om aan de overkant de Mozambique current te kunnen oppikken. Dan is het afhankelijk van de wind of we bij Bazaruto onze eerste stop zullen gaan krijgen, 700 mijl. Misschien krijgen we zo’n gunstige wind dat Bazaruto overgeslagen kan worden en we direct door kunnen naar Lingalinga, 805 mijl. Na Lingalinga kan Ilha de Inhaca, een eiland voor Maputo een mogelijke stop zijn, 1007 mijl vanaf hier. Tot slot is Richardsbay, de eerste havenplaats van Zuid Afrika 1200 mijl vanaf hier. Alle mogelijke ankerplekken bekijken we zorgvuldig. Via het Periperi-net komen we aan de goede waypoints voor elke ankerplek. Periperi-net? Op 8101 upper side band van de SSB radio ontvangen we elke ochtend en elke avond het Periperi Net. Net als in Patagonië is er een radionetje. Alleen is hier niet één, maar zijn er drie net-begeleiders, die passanten richting Zuid Afrika begeleiden. In de buurt van Bazaruto zit Norman, in de buurt van Johannesburg in Zuid Afrika ene Paul en in Durban zit Roy. Afhankelijk van waar je zelf zeilt en de propagatie, heb je contact met de ene of de andere. Zij organiseren ook een relay indien nodig. Relay is via via doorgeven van informatie zoals je positie en de weersvoorspellingen. Heel handig dus dit netje. Wij loggen dagelijks in.
Op 13 november zijn we het lange wachten zat. Ik zie op de gribfiles hier nog steeds geen wind van betekenis, maar als we in het begin wat motoren kunnen we over een paar dagen een mooie noordenwind oppikken. Paul is het helemaal met me eens.
Het beste is om in de nacht, een uurtje voor hoog water, te vertrekken. In de nacht is het nagenoeg windstil. Het is nieuwe maan, dus het zal erg donker zijn. Maar met de zo zorgvuldig vastgelegde track moeten we er wel uitkomen. Heel zachtjes halen we om drie uur ‘s nachts het anker op. We volgen de oude track. Ik zit aan de navigatietafel achter de computer, Paul staat achter het stuurwiel. Beiden houden we de koers, via laptop en het kleine Magellan GPSje in de gaten. Af en toe geef ik een aanwijzing, beetje naar bakboord, beetje naar stuurboord. Omdat er geen maan is zien we nagenoeg niks van de omgeving. Er staat wel meer water bij dit hoog water dan toen wij binnen kwamen. Rondom nieuwe en volle maan is het hoge tij altijd hoger en het lage lager. Meer water dus onder de kiel, heel handig. Op het plekje waar het vorige keer het ondiepste was, op de bar dus, zo heet dat in vaktermen, hebben we nu ruim een meter water meer onder de kiel.
Ineens een gepiep naast de boot. Een man begint te schreeuwen, dat Malagassisch klinkt alsof een eend zit te kwekken. Zit hier een vissermannetje te vissen? Och gut, wij kijken alleen maar naar de GPS en de computer en zien buiten amper iets, varen we bijna over een local. Wat doet die man hier op zee. Kennelijk is het goed vissen hier op de bar. We hadden echt niemand verwacht hier midden in de nacht in het donkere van de nieuwe maan. Maar we varen zo ontzettend langzaam en hebben bovendien onze navigatieverlichting aan, hij had ons al lang aan kunnen zien komen. Wie weet hebben we de brave kerel wel uit zijn slaap gewekt. Maar hij vloekt nog een poosje door, dus hij leeft nog. Zodra we de moeilijke passage achter de rug hebben hijst Paul de zeilen. Muisstil varen we op de nachtwind Baly Bay uit. South Africa, here we come!!!
Het begin van de oversteek gaat heerlijk relaxt, we blijven een dag lang redelijke wind houden. Volgens de gribfiles zou het windstil zijn, het zal dus wel de land- en zeewind zijn die in onze zeilen blaast. Maar na een dagje, als we geen invloed van land meer ondervinden is het gedaan met de wind. Het wordt bloedheet. Het ijzeren zeil brengt ons naar zuiderlijkere breedtes. In de boot is het koeler (een ietsepietsie) dan buiten. In volgende nacht steekt er gelukkig weer een windje op en kan de motor uit. Enkele dagen hebben we hetzelfde ritme, overdag bij de windstilte de motor zachtjes bijzetten, in de nacht voortkabbelen met de zeiltjes. Heerlijk. Echt genieten. Het gaat niet snel, maar wel gestaag. Hier hou ik nou van. Overdag de motor, lees ‘koelkast èn ventilator’, aan. Lekker kokkerellen, boekje lezen etc. En ’s nachts rust. vr, 16/11/2012 - 14:58 - 156. De was hangt onder de bezaan, we zijn onderweg naar Zuid Afrika ©156. De was hangt onder de bezaan, we zijn onderweg naar Zuid Afrika
Muisstil brengt een briesje wind ons verder naar het zuiden.
Op de vijfde dag zien we dat we nog steeds geen tegenwind hoeven te verwachten. Bazaruto kunnen we overslaan. Joepie. Koers nu op naar Lingalinga!
Dag zes geen verandering. Lingalinga kan ook overgeslagen worden. Door naar Maputo Bay. Maar we zetten de koers al op Richards Bay omdat we vermoeden dat Richards Bay te halen is voordat er harde tegenwind komt van een naderende depressie. Op 20 november krijgen we even 'Land in Zicht', we zeilen langs Cabo de Corrientes, een kaap van Mozambique. Hoewel er nog steeds nauwelijks wind staat gaat het als een speer. De Mozambique Current geeft ons een lekker zetje. Vandaag vieren we onze 40.000 zeemijlen!!!! Wat hebben we afgelopen zeven en een half jaar al veel gevaren.
Nog 250 mijl naar Richardsbay. Ik zie op de gribfiles een laag aankomen. Een diepe depressie. Deze gaat bij Richardsbay zeer harde zuidwesten wind geven. We moeten voor die zuidwesten wind begint te waaien in Richardsbay zijn. Want zuidwesten wind, in combinatie met de Agulhas Stroom kan huizenhoge golven veroorzaken. Als we de vaart erin houden, desnoods met het ijzeren zeil, moet dat lukken en kunnen we voor de depressie de eerste haven in Zuid Afrika binnen lopen.
22 November. Nog steeds geen tegenwind. Veel wind mee hebben we ook niet. Wel profiteren we van de Agulhas Stroom. Zonder erg dreven we vandaag al twee keer, met zeil en al!!!, achterstevoren toch de goede richting op. De deining is inmiddels enorm. Nog een half dagje een poepie gas geven met het ijzeren zeil en we kunnen er zijn.
In de ochtend van 23 november zeilen we tussen de pieren van Richardsbay. Heerlijk dat we hier zijn. Een uurtje later wordt Nije Faam afgemeerd aan een Canadees schip wat aan de kade ligt. Er is momenteel geen plek vrij aan de kade. De quarantaine vlag wappert in het want, de havenautoriteiten zijn van onze aankomst geïnformeerd. Paul en ik gaan een tukkie doen.
In bed mijmer ik nog even na. We zijn een ongebruikelijke route gegaan. Nu de tocht door de Rode Zee door Somalische Piraterij praktijken onmogelijk is geworden, kiezen steeds meer medezeilers de route die onder Zuid Afrika door gaat. Wij waren dat so wie so van plan. Vanaf Île de la Réunion zetten de meesten direct koers op Richardsbay in Zuid Afrika. De route ten zuiden van Madagaskar en in het zuidelijke deel van het Mozambique kanaal gaat vaak gepaard met flinke depressies. Dat in combinatie met de krachtige Agulhas Stroom kan een situatie geven waarin je absoluut niet wilt zijn. Zoals ik hiervoor al schreef wordt de situatie ter plekke goed gemonitord door Roy, Paul en Norman van het Periperi net. Iedereen die wil inloggen op dit netje krijgt persoonlijk een weerbericht en desgevraagd een advies. Zeilers die onder Madagaskar door gingen kregen stuk voor stuk ergens op hun route flink de wind van voren. Sommigen zochten aan de zuidoost en aan de zuidwestkust van Madagaskar beschutting. Anderen gingen juist ver van land en lieten de bagger over zich heen komen.
Nog altijd ben ik blij met onze keuze, de route over de top van Madagaskar. Misschien hadden wij mazzel met het weer. En ook hebben we geen piraat of ander gevaar gezien. Ik had er graag de extra 600 – 800 zeemijl voor over.
Wij hebben Île Saint Marie gezien. En het toeval wil dat het nare dat Paul overkwam gebeurde toen wij niet op zee waren. Madagaskar is waarschijnlijk de meest ongunstige plek om serieuze medische problemen te krijgen, maar vanaf Île Saint Marie ging er wel de volgende dag een vliegtuig naar Île de la Réunon, met een voortreffelijk universiteitsziekenhuis. Inmiddels gaat het redelijk met Paul. Wel moet hij in de toekomst nog een oogoperatie ondergaan wat het zicht in zijn rechteroog kan verbeteren. Door deze situatie hadden we helaas weinig tijd voor het prachtige zeilgebied van noordwest Madagaskar. Het is niet anders. Maar nu zijn we in Richardsbay, lekker in Zuid Afrika. Een nieuw continent wat voor ons open ligt.

Mariëtta, 30 november 2012

Niet vergeten: 11e gebod: gij zult genieten.
Volgende keer meer!