Nieuwsbrief mei 2010

afbeelding van Mariëtta

ma, 26/04/2010 - 22:58 - 21. Fatu Hiva, Marquesas ©21. Fatu Hiva, Marquesas
Na 24 dagen komen we aan bij de Marquesas eilanden. Inklaren moet op Hiva Oa, een eiland wat we later gaan bezoeken. Gunstig met de zuidoost passaatwind, is eerst Fatu Hiva aan te doen. Over dit eiland, Fatu Hiva, heb ik op reis hierheen het boek met dezelfde naam gelezen. Hierover schreef ik al in de vorige nieuwsbrief.

We gaan aan land om de boel eens te verkennen. Heerlijk om na ruim drie weken op het water te zijn geweest weer eens vaste grond onder de voeten te voelen. Spannend, wat gaan we hier beleven. Een Marquesaanse vrouw groet ons. “Bonjour”. Dit is Frans Polynesië, geen Spaans gebied meer. Het schakelen van Spaans naar Frans gebeurt niet feilloos, de eerste zinnetjes zijn doorspekt met Spaans. We lopen het dorpje Hanavave in met zijn 300 inwoners. De geur van bloemen komt ons tegemoet. De hoofdstraat is een betonnen weg met straatlantaarns. De huizen, allemaal vrijstaand, hebben keurig onderhouden tuintjes. Langs de weg en in de tuinen zien we bomen vol vruchten. Citroentjes, sinaasappelen, ook bomen met hele grote sinaasappelen, zo groot als een watermeloen. Dat fruit wordt hier pompelmoes genoemd. De smaak, zo blijkt later, heeft veel weg van een grapefruit, maar minder bitter en veel zoeter. Heerlijk. Er zijn kokospalmen, bananenbomen, mango’s, het kan niet op. Dan zie ik hele grote meloenen aan een steeltje in een boom hangen. Dat blijken broodvruchten te zijn.
Bewoners vragen of we parfum hebben. Graag willen zij parfum ruilen voor fruit. Helaas, geen parfum. Kunnen we iets anders ruilen? T-shirts kan ook, ook oude landvasten of vallen zijn gewild voor hun boten, of kleine stootwillen. Een man vraagt of we accuklemmen hebben in ruil voor fruit. Als een paar vrouwen mij bekijken zeggen ze ook wel fruit te willen ruilen tegen een BH. Nou, dat wordt straks eens graven in de boot, we kunnen best wat missen.
De volgende dag gaan we met overtollige spullen naar het dorpje. Voor accuklemmen ‘kopen’ we een zak fruit, voor een BH koop ik een tapa. Tapa’s zijn gemaakt van boombast. Door een tussenlaag van de bast voorzichtig van een boomstam te halen, dit te bewerken ontstaat er een soort ‘textiel’. De oude Marquesanen, lang geleden, in de tijd van de koppensnellers zeg maar, maakten hun kleding van deze boombaststof. De tapa wordt beschilderd met figuren die sterk doen denken aan tatoeages. Graag ‘koop’ ik een tapa, een stuk boombaststof met een afbeelding van een zeeschildpad en er omheen Marquesaanse ornamenten voor een oude BH. In de zak met fruit die we ruilden voor de accuklemmen zitten ook broodvruchten. Daar ben ik bijzonder blij mee al weet ik nog niet goed wat ik er mee aan moet. Terug aan boord snijd ik een broodvrucht in tweeën en bekijk de structuur. Het is een vrucht met een kern en vezelig vruchtvlees, zoals een ananas. Ik schil een helft en snijd hier schijfjes van die gebakken worden. De rest van de broodvrucht verkleurd snel, daarom snijd ik ook die snel klein en kook ze in water met zout. De gebakken broodvrucht heeft qua smaak veel weg van gebakken aardappelen en ja hoor de gekookte broodvrucht lijkt op een gekookt aardappeltje. Dat geeft al een goede richting voor het verzinnen van recepten. Broodvruchten zijn een belangrijke element van de dagelijkse voeding van de Marquesanen.
Over broodvruchten gesproken….
Kapitein Bligh (die van de Bounty) vertrok eind 1700 van Tahiti met meer dan 1000 broodvruchtbomen aan boord om ze op andere eilanden te planten met o.a. als doel op latere reizen dit voedsel te oogsten. Met allerlei dieren zoals geiten ging dat net zo. Op een gegeven moment kwam er gedurende de zeereis met de 1000 broodvruchtbomen een tekort aan water. Tenminste, dat dachten de meeste opvarenden. Maar kapitein Bligh had nog een reserve voorraadje water wat hij voor die broodvruchtbomen reserveerde en zijn bemanning onthield. Wellicht was dit de aanleiding van de muiterij op de Bounty! (1789). Bligh was, met zijn volgende schip de Providence succesvoller in het verspreiden van broodvruchtbomen. Vooral op plantages was men blij met dit ‘goedkope’ voedsel voor de slaven. Oorspronkelijk komen deze bomen dus van de Polynesische eilanden.
Met Ans en Gerjan van de ‘Spirit’, ook vertrekkers uit Nederland van de 2005 lichting en met Josy en Steve van de Londonse ‘Elysiun’ lopen we de vallei van Baia de Hanavave in tot aan een waterval. Een heerlijke wandeling onder het koele gebladerte van de jungle. Onderaan de waterval is een diepe poel waar we in de dracht van Eden heerlijk gaan zwemmen.
Op zondagochtend woon ik een kerkdienst bij die vrijwel geheel uit gezang bestaat in de Polynesische taal van de Marquesas. De vrouwen dragen allemaal rokken, hebben hun haar bijzonder opgebonden en vastgezet met bloemen. Ook de bloem achter het oor ontbreekt niet.
Als Spirit en Elysiun vertrekken blijft Nije Faam nog even. Nog even een paar daagjes genieten van deze parel van de Pacific. En nog wat handel drijven, we hebben geluk! Voor 15 meter touw kunnen we aanschuiven voor een maaltijd bij een Marquesaanse familie. Op het menu staan lokale gerechten zoals Poison Cru in kokosmelk (rauwe tonijn), warme papaya in kokosmelk, broodvruchten, rijst en een gestoofde geitenschotel. Bij deze maaltijd wordt ijskoud limoenwater geserveerd. Als dessert zuigen we grote stukken pompelmoes uit hun dikke schil. ma, 26/04/2010 - 22:29 - 43. Marquezaans meisje 'kookt' broodvruchten in een vuur ©43. Marquezaans meisje 'kookt' broodvruchten in een vuur
Tijdens dit etentje komen we iets meer te weten van dit gezin. Vader en moeder zijn begin 40, hebben 9 kinderen in de leeftijd van 24 tot 5 jaar. Op dit eiland is een basisschool. Voor verdere educatie moeten kinderen naar Hiva Oa of Nuku Hiva. Willen zij daarna nog verder leren zal dat in Papeete (Tahiti) of in Frankrijk moeten gebeuren. Het gezin lijkt me vrij ongeschoold. De man des huizes hebben we wel eens op het water zien vissen, maar de vangst zal ongetwijfeld alleen voor eigen familie zijn geweest. Het lijkt niet dat zij betaalde banen hebben.
Waarvan leven deze mensen? Ik weet het niet. Ik denk dat educatie, medische zorg en behuizing zwaar gesubsidieerd worden vanuit Frankrijk. (Ontwikkelingshulp?) Verder kan men hier leven van wat er aan bomen groeit, van wat er rond het eiland zwemt en als er dan zo af en toe ook nog een scharrelgeitje, varkentje of -kip in de pan ligt heeft niemand tekort. En hoe zit het met kinderbijslag en studiefinanciering? Bestaat dat ook in Frankrijk? Nog een wonder dat hier niet meer Fransen wonen?
Morgen komt de ‘kopraboot’. Dit schip vaart 16 keer per jaar vanuit Papeete een rondje Marquesas en doen ook een paar van de Tuamotos aan. Van de eilanden wordt kopra (gedroogde stukken kokosnoot) gehaald en worden goederen gebracht. Op een veldje waar normaliter gevolleybald wordt staan grote zakken met eromheen de weeïge lucht van warme kokos. In alle vroegte ratelt de volgende ochtend de ankerketting van een groot schip. Even later komt een landingsvaartuig voorbij met hierop goederen. Met een shovel worden de goederen van het landingsvaartuig gehesen en op het volleybalveld gezet. Ik zie o.a. veel blikken corned beef, zeeppoeder, luiers, maandverband, wc papier etc. Even later vaart dit landingsvaartuig terug naar de grote boot met de zakken kopra. Rondom het volleybalveld, waar altijd wel een paar bewoners een balletje overgooien worden nu kraampjes met lokaal gemaakte producten neergezet. Ik zie gedroogde bananen in een mooi pakketje opgebonden in bananenbladeren, tapa’s en houtsnijwerk. ma, 26/04/2010 - 22:44 - 45. houtsnijwerk op Fatu Hiva ©45. houtsnijwerk op Fatu Hiva
Prachtig zijn de houten maskers, schalen en kommen. En duur. En we hebben nog steeds geen lokale cent. Er is hier namelijk geen bank waar geld gepind kan worden. En behalve de Cour Franc Polynesie accepteert men hier wel de Euro (hebben we niet) en niet de US dollar (hebben we wel). Op een volgend landingsvaartuig komt een groep van zo’n 50 tot 70 toeristen, die zullen wel de nodige CFP’s op zak hebben. De kopraboot is kennelijk ook een soort van cruiseboot. Vandaar deze stalletjes met koopwaar. En vandaar ook het trommelgeluid en de bijzonder uitgedoste lokale bevolking. Er vinden demonstraties plaats van hoe bloemenkransen gemaakt worden en hoe bloemen bevestigd worden in het haar van de dansdames. En daarna wordt er op trommelgeluid gedanst. Ik moet zeggen, de dames kunnen goed met hun kont schudden. Hun taille lijkt wel een kogelgewricht.za, 01/05/2010 - 02:46 - 53. Marquezaanse vrouwen ©53. Marquezaanse vrouwen

Na tien dagen op Fatu Hiva geweest te zijn vertrekken we naar Hiva Oa. Onderweg komen we de douaneboot tegen die op weg is naar Fatu Hiva. Oef.. net op tijd vertrokken dus. In Atuona, de grootste woongemeenschap van de zuidelijke Marquesas, kunnen we inklaren. Ook is het hier mogelijk om geld te pinnen. Meteen gaan we lekker koffie drinken en bezoeken allerlei winkeltjes. In een van die winkeltjes ontmoeten we een Nederlands sprekende Belgische die al 28 jaar op Hiva Oa woont, momenteel in Baia Hanaiapa. Mochten we hier ons anker droppen moeten we beslist eens aankloppen. Doen we. Met een rugzak vol lekkere dingen zoals camembert, paté, stokbrood, chips roeien we even later terug naar de boot. Als Paul de wifi antenne hijst zien we een aantal netwerken waarbij we, na de nodige eurootjes overgemaakt te hebben, bij een netwerk kunnen inloggen. De verbinding is niet heel snel, foei, we zijn te verwend, maar we kunnen wel weer even Skypen, de mails bekijken en de bankzaken. Buiten de winkeltjes en het hebben van internet vinden wij het niet zo fijn in deze baai. Daarom gaan we snel verder naar het eiland Tahuata waar we in Baia Hanamoenoa voor anker gaan. Waow, een azuurblauwe baai en een wit zandstrand met wuivende palmen. Waar is mijn hangmat?
Het snorkelen in deze baai is prachtig. Het water is helder, de vissen zijn bont gekleurd. In Nederland had ik een klein onderwatercameraatje gekocht. De Olympus Tough mju 8000. Die moest ik hier maar eens uitproberen. Regelmatig duik ik onderwater en bekijk later op de laptop de resultaten. Ik kan veel bijleren, laat ik het zo maar uitdrukken. Daartoe heb ik dan ook volop de gelegenheid.
Tussen de palmbomen vinden we ook weer fruitbomen. We plukken veel citroentjes, daarvan maak ik limonade, en ook nemen we de nodige pompelmoezen en mango’s mee. De grasmanden die we op Isla de Chiloé (Chili) kochten zijn nu permanent gevuld met kostelijk fruit. In de baai ligt ook een stel uit de V.S. Ze hebben belangstelling voor de grote rollen met lange lijnen, willen graag weten waar men deze kan aanschaffen. Paul had deze voor vertrek uit Nederland al aangeschaft, grote RVS rollen met 100 meter band met een trekkracht van 4 ton, met het idee deze in Patagonië te kunnen gebruiken. Achteraf waren deze voor dit doel niet echt heel handig en hebben hiervoor ook nog drijvende lijnen bijgekocht. We kunnen best een rol missen. Stewart wil hem graag overnemen. Heerlijk, weer een hoop gewicht van boord.
Na nog een tiental duikjes in het aquarium onder onze boot genomen te hebben lichten we maar weer eens het anker en zetten koers terug naar Hiva Oa, maar nu naar Baia Hanamenu, een baai in de noordwesthoek van Hiva Oa. We krijgen onderweg te maken met een flinke deining en harde wind. Met een puntje Genua en de bezaan maken we een paar slagen en kunnen dan de baai invaren. Baia Hanamenu is een smalle lange baai waar in de middag een flinke zeewind opzet waardoor we niet meteen met de dingy naar de wal kunnen. De volgende ochtend, bij het krieken van de dag, lijkt het heel wat rustiger. Bepakt met alle was, emmers, zeeppoeder, shampo, koffie en een lunch gaan we richting strand. Er moet hier namelijk een riviertje zijn met een klein poeltje. Wat we aantreffen is echt heel schattig. di, 11/05/2010 - 22:44 - 56. 'zwembadje' in Baia Hanamenu op Hiva Oa ©56. 'zwembadje' in Baia Hanamenu op Hiva Oa
Onder een waterval is met grote stenen een klein zwembadje gemaakt met wat bankjes ernaast. Na een verfrissende duik zet ik de was in de week terwijl Paul waslijnen tussen de palmbomen hangt. Na de koffie spoel ik de was uit, hang die te drogen en we maken dan een wandeling verder het dal in. Hier zijn veel restanten van een vroegere beschaving. Met grote stenen is een weg gemarkeerd en zien we diverse zijstraten. Tussen de bomen zien we muurtjes die van woningen zijn geweest en plateaus. Dit is duidelijk een archeologische site waar nog niet veel onderzoek en/of herstelwerk gedaan is. Mochten er archeologiestudenten onder de websitelezers zijn; houd de Marquesas eilanden eens in je achterhoofd. Hier valt echt nog veel, leuk en interessant werk te doen. Van dit soort plekjes moeten er op deze eilanden nog veel te vinden zijn. We lopen het pad een heel eind uit en zien links en rechts nog de nodige platforms. In gedachten zie ik hier trommelaars en kannibalen om grote kookpotten zitten. Met de handen vol mango’s lopen we terug naar ons zwembadje. Intussen zijn een paar Marquesanen aan land gekomen met de nodige bouwmaterialen. Ze bouwen een woninkje. di, 11/05/2010 - 21:26 - 60. Marquezaanse mannen bouwen een huis ©60. Marquezaanse mannen bouwen een huis
Zij vertellen ons dat het water van de waterval goed drinkwater is. Onze watertanks worden weer afgetopt. De was is droog en gaat gevouwen in de waterdichte zakken. Dat blijkt later maar goed ook want de zeewind is weer opgestoken en grote golven rollen het strand op. We wachten veel golven af en als Paul denkt dat het kan duwen we Famke het water in. Ik spring op mijn plekje voor in de boot als Paul begint te roeien. Toch komen er nog wat golven in de bijboot. Pas als ik roep: Paul, we zinken!!!!!kijkt Paul om en ziet dat ik tot mijn knieën in het water zit. Gelukkig dat al onze spullen vastgebonden waren, ze zouden zo de boot uit dobberen. Terwijl ik de roeiriemen overneem begint Paul als een gek te hozen. Als dat gedaan is neemt hij de roeiriemen weer ter hand en brengt ons veilig terug aan boord. Gelukkig zijn onze waterdichte zakken waterdicht en is de was nog droog. Baia Hanamenu is een heerlijk plekje in de ochtend, maar in de namiddag moet je toch terug op je boot zijn.
We willen nog een baai verder naar het oosten bezoeken. Dat is tegen de wind in en daarom wordt de volgende dag het anker al vroeg gelicht, het is nog donker. De acht mijl naar Baia Hanaiapa worden al moterend afgelegd. En omdat we er al vroeg zijn gaan we direct op zoek naar het huisje van Nadine, de Belgische. Onderweg kletsen we hier en daar wat met de lokale bevolking. Ons worden weer papaya’s en pompelmoezen aangeboden. We nemen ze dankbaar aan maar laten ze nu nog even onder de boom in een zak liggen, die pikken we op de weg terug wel op. De weg van dit lintvormige dorp gaat slingerend omhoog in een kloof tussen weelderige begroeide steile bergwanden. Het laatste huisje blijkt van Nadine (de Belgische) met haar Jean (een Fransman) te zijn. Het is leuk te zien hoe zij hier een paradijsje gebouwd hebben. Het huisje heeft wel ramen maar geen glas. De wind waait er heerlijk doorheen. Sloten op de deuren zijn hier kennelijk niet nodig. Jean en Nadine hebben 28 jaar geleden het haastige en drukke Europa vaarwel gezegd om hier een rustig leven te leven. Ze hebben drie zonen die inmiddels ook al weer uitgevlogen zijn. Aan de boeken op de boekenplanken te zien hebben deze mensen zich erg verdiept in de kunstvoorwerpen van vroegere Marquesaanse beschavingen. Een aantal van die voorwerpen worden door hen nagemaakt om te verkopen aan toeristen. Echt hele mooie dingen. Na een poosje nemen we weer afscheid en krijgen nog een stang bananen aangeboden. Heerlijk, en gelukkig hoeven we nu alleen nog maar bergafwaarts. Onderweg wordt gestopt om ook het andere fruit mee te nemen. Bij een terrasje drinken vinden koude frisdrankjes de weg naar onze dorstige lijven. Het meisje wat ons bediend plukt nog een aantal carambola’s (stervuchten) uit de boom. Kan er ook nog wel bij. Aan vitamientjes hier geen gebrek. Ik vraag haar of we ook brood kunnen kopen. Nee, dat kan niet. Maar even later komt haar moeder toch aan met een stokbrood voor mij. Gratis. Waaraan hebben we toch zoveel vriendelijkheid verdiend? We bevinden ons kennelijk op de gelukkigste eilanden (titel van een boek van Paul Theroux). Voordat het fruit de dingy ingaat spoelen we het fruit schoon. do, 13/05/2010 - 02:59 - 38. fruit wordt gewassen voor het aan boord komt ©38. fruit wordt gewassen voor het aan boord komt

Met deze ankerplek willen we het bezoek aan de zuidelijke Marquesas afsluiten. Ons volgende doel wordt Ua Huka, een van de noordelijke eilandengroep. Het is 57 mijl varen. Misschien net niet te doen in een dagtocht. Daarom vertrekken we voor zonsondergang. Het wordt een zwoele maanloze nacht. Het is een genot om tijdens de wacht naar de sterrenhemel te kijken, naar de melkweg met zijn inmiddels bekende sterrenpatroon. Het eiland Ua Huka heeft slechts aan de zuidzijde goede ankerplekken. Nou ja goed? Nee, echt goed zijn ze niet. Ja, het anker, dat houdt prima. Maar er staat een swell. We kunnen niet naar de kant. Na een dag nieuwsgierig turen naar de golven die op het strand breken en naar de kokosnootplantage en de huisjes op de wal wagen we het er toch op. Via de marifoon wil ik toestemming vragen om aan land te komen; in de pilot staat namelijk dat dit een privé strand is van een invloedrijke familie, de familie Lichtle, maar krijg geen antwoord. Het wordt een natte landing. Niet leuk. Toch maar even verder kijken. De huisjes zien er bij nader inzien verlaten uit. Een kraan aan het eind van een waterslang doet het en we spoelen het zand en zout van onze lijven. Dan lopen we nog een eindje het terrein op. De fruitbomen en kokospalmen kunnen wel een slokje gebruiken. Even verderop zien we een kerkhof met hierop één graf. Hier ligt meneer Lichtle al twee jaar hartstikke dood te wezen. Geen wonder dat hij mijn oproep niet beantwoordt. Na nog een kilometertje of wat het dal verder ingelopen te hebben moeten we omkeren. Jammer, want het pad was net zo spannend. Maar de zon gaat zo meteen onder en dan zie je hier geen hand meer voor ogen. We duwen weer de dingy door de golven en springen er net te laat in, weer staat de halve dingy vol water. Ik roeien en Paul weer hozen. Jammer toch dat op die manier het bezoek van sommige eilandjes onmogelijk is. We hadden graag meer gezien van Ua Huka, maar het is niet anders. Daarom vertrekken we snel naar het eiland Nuku Hiva en gooien het anker uit in Baia d’Anaho. In deze noordelijke baai van Nuku Hiva krijgen we voor het eerst te maken met het verschijnsel koraal. Tot drie keer toe hebben we het anker uitgegooid voordat we vertrouwden dat het goed lag. Bij de laatste keer kwam de boot geen millimeter van zijn plaats ondanks dat hij op 2200 toeren in zijn achteruit stond. Met lamme armen van het ketting trekken, als we anker op gaan moet ik in de voorpunt van de boot de ketting naar binnen trekken, maken we een biertje en een fles wijn open. Even een geniet momentje. Wel horen we steeds de ketting langs het koraal schaven. Oei oei, daar gaat weer een laagje galvanisatie naar de bliksem.
De volgende dag maken we een wandeling met de lui van twee andere boten. Het wordt een heerlijke dag. Als we boven op een heuvel staan zien we dat Nije Faam in het donkere deel (veel koraal) van de baai ligt, aan de andere kant van de baai zien we veel lichtere plekken wat duidt op een meer zanderige bodem. ma, 17/05/2010 - 20:55 - 62. Baia d'Anaho ©62. Baia d'Anaho
Terug aan boord duik ik eens onder de boot door en zie dat de ketting recht onder de boot onder een stuk koraal door gaat. Vandaar die herrie van de ketting. Verder ligt de ketting echt zigzag tussen het koraal. Toen we gisteren het anker ‘checkten’ is er waarschijnlijk alleen aan de ketting getrokken en aan een brok koraal. Da’s echt wel sterk spul. We halen de ketting twee meter in, hij schuift van het eerste stuk koraal weg en weg is het akelige geluid. Die nacht slapen we een stuk rustiger. Maar als de volgende ochtend in het noordelijke deel van de baai wat boten vertrekken gaan we toch ankerop en gooien daar ons anker uit op een bodem van zand. Beter voor de ketting. Voor het eerst op onze reis snorkelen we over koraal. Het aquarium onder onze boot wordt er steeds mooier op. Weer probeer ik mijn nieuwe onderwaterfototoestel uit. Dan zie ik opeens een schildpad grazen op het koraal. do, 20/05/2010 - 00:47 - 98. Onderwaterwereld van Baia d'Anaho ©98. Onderwaterwereld van Baia d'Anaho
Ik breng Paul hiervan op de hoogte en we snorkelen een poosje achter de schildpad aan.
Een volgende wandeling brengt ons bij de historische plek Hikoku’a bij het dorpje Hatiheu. Hier zijn goed bewaarde en gerenoveerde restanten van de bewoning van de oorspronkelijke Marquesanen. Pleinen, straten, plateau’s doen mij enigszins denken aan Inka bouwwerken van Peru, zij het hier veel grover. Een brede boom die uit vele stammen, takken, luchtwortels en ondergrondse wortels bestaat drukt de stenen van een muur uit elkaar. Dat doet Paul denken aan iets wat hij zag diep in de jungle van Guatamala waar ook de natuur zijn plek terug eiste. Heerlijk om weer een volledige dag te wandelen in de bloemengeur op een van de Marquesaanse eilanden. Het is in de baai van Anaho dat we Pauls 66ste verjaardag vieren. vr, 21/05/2010 - 23:52 - 85. Pauls verjaardag ©85. Pauls verjaardag
Onze pas ontmoette medezeilers kennen Paul inmiddels zo goed dat zij toepasselijke cadeaus bedenken. Kijk maar eens in fotoboek 40. Na 12 heerlijke dagen op dit koraalrif gedobberd te hebben voelen we behoefte weer eens in urbaan gebied te vertoeven. We willen graag weer eens skypen met de familie. Het anker wordt gelicht en koers gezet naar de hoofdstad van Nuku Hiva, Hakapehi. Maar een nacht gaan we nog voor anker in Baia du Controleur, want hier is een belangrijke historische plek, Paeke. We zien er vele grote tiki’s (stenen beelden) en een groot platform, Maeae. Interessant te weten is dat het dorpje Taipivai de lokatie is waar Herman Melville zijn boek Typee schreef. Helaas heb ik dit boek nog niet gelezen, maar zet dit wel op mijn lijstje nog te lezen boeken. Ook al zijn de boeken waarover ik het gehad heb gedateerd, toch vind ik het leuk deze te lezen om iets van de tijdsgeest van weleer op te snuiven. De tiki’s en de Maeae zijn de lange wandeling in de hete middagzon waard. Het is indrukwekkend, wel zijn de stenen beelden erg verweerd door weer en wind. En mishandeld. Missionarissen hakten de penissen van de beelden af. Ze zouden onzedelijk gedrag in de hand werken. Ahum.
De zeven mijl naar de hoofdstad leiden ons langs een rotswand die aan slagroomtaarten doet denken. Vele aardlagen druipen over elkaar. De baai van Taiohae is een grote krater met een opening naar het zuiden. Daarin liggen veel zeilboten te ‘genieten’ van de urbane wereld. Ook wij doen er even aan mee. Maar morgen zijn we er toch weer van tussen. Ons staat nog één ankerplek te wachten op deze mooie Marquesas eilanden. Vanuit Baia de Tai’oa of Hakatea zullen we zeil zetten naar de atollen van de Tuomoto’s. Dan zullen we weer een paar dagen op zee vertoeven en dagelijks de updatejes op de website zetten met onze positie en wat wetenswaardigheden. De foto’s die deze nieuwsbrieven moeten vergezellen en de foto’s van fotoboek 40 heb ik vandaag op een cd gebrand en met tante Post naar Esther opgestuurd. De afbeeldingen mailen via internet was helaas niet mogelijk. De mooie Marquesaanse postmevrouw heeft beloofd dat de cd over twee tot drie weken in Nederland zal aankomen. Tot die tijd moeten jullie het met alleen tekst doen.

Mariëtta, 31 mei 2010

Niet vergeten: 11e gebod: gij zult genieten.
Volgende keer meer!

Locatie: