Nieuwsbrief november 2009

afbeelding van Mariëtta

za, 07/11/2009 - 11:14 - 07_ Nog een stukje naar voren ©07_ Nog een stukje naar voren
In Antofagasta willen we de boot op het droge zetten. Graag maken we een rondreis door noord Chili, Bolivia en zuid Peru vanhier uit. Er is een travellift dus no problem. Tenminste dat denk je als je onderweg bent naar Antofagasta. Eenmaal hier zien we dat de travellift iets anders gebouwd is dan die waarmee Nije Faam tot nu toe werd gelift. Maar misschien lukt het toch. De fok wordt uit de voorstag gehaald en Paul zet als voorbereiding de kotterstag en een extra val op de punt van de boot. We varen naar de lift. De lift heeft een dwarsbalk en daarom moet de voorstag even los en over die balk weer worden vastgezet op de punt. Dat gaat allemaal nog prima. Maar als Nije Faam verder de lift invaart blijkt de grote mast toch te ver naar voren te zitten. Het zwaartepunt van de boot zit niet in het midden van de lift. Zowel Paul als Theo, de lokale Manus van alles, vertrouwen deze actie niet. Dat is een teleurstelling. Wat nu?

Zolang we onderweg zijn worden plannen voortdurend aangepast aan de omstandigheden. Ook nu. Dan geen rondreis vanuit Antofagasta. Dan gokken we erop dat de boot er in Lima uit kan. Van daaruit kunnen we ook onze rondreis maken. Het is dan wel wat verder om in Bolivia te komen, maar het is niet anders. En dan noord Chili schrappen? Of van hieruit in een paar dagen doen? De boot ligt aan een mooring, voor een paar dagen durven we haar wel alleen achter te laten.
De volgende ochtend roeien Paul en ik, gepakt en gezakt, met Famke naar de wal. Daar leggen we haar onderste boven tussen de optimistjes. In Antofagasta vinden we een collectivo, soort taxi, en voordat de ogen goed en wel wakker zijn zitten we op het busstation aan een kopje koffie. De zonnebrillen gaan op als we daarna drie uur door de woestijn naar Calama vervoerd worden. Dat zand en kale rotsen toch zoveel kleuren kunnen hebben, prachtig. Paul had voor we vertrokken de Lonely Planet van Chili goed bestudeerd. Hij laat de bus stoppen precies op de zijstraat waar de touristeninfo zit. Eenmaal daar geven we te kennen een bezoek te willen brengen aan de kopermijn in Chuquicamata. Wordt geregeld.
Diezelfde middag rijden we in een bedrijfsbus het terrein van Chuquicamata rond. Eerst langs een spookstadje Chuqui, bij de mijn. Kijk maar eens op Google Earth. (22°17’24.09”Zuid 68°54’05.58”West) Je ziet een complete stad met huizen, pleinen, bioscoop, bank, bakker, vlak naast de mijn. Inmiddels woont niemand meer hier. Het leven zo dicht bij de open kopermijn (dagbouw) werd niet langer gezond geacht. Al dan niet gedwongen, alle werknemers wonen inmiddels in het verderop gelegen Calama en Chuqui is nu min of meer een openluchtmuseumpje. Daarna leidt de bus ons door de mijnput. Voor en achter ons rijden kiepwagens met wielen met drie meter doorsnee om kopererts en puin te versjouwen. Op een speciale plek mogen we dan even uit de bus, wel met bouwhelm op, en kijken we in de inmiddels 1 km diepe bouwput. wo, 11/11/2009 - 19:28 - 14_ De put van de kopermijn Chuquicamata is 1 km diep ©14_ De put van de kopermijn Chuquicamata is 1 km diep
De mijn is 5 km lang, ovaalvormig en heeft wel wat weg van een amfitheater. Als dinky toys rijden de grote kiepwagens daaronder de diepte in. Indrukwekkend. Terug in Calama kunnen we direct doorrijden naar San Pedro de Atacama, nog anderhalf uur door de Atacamawoestijn die er alsmaar ruiger op wordt. San Pedro de Atacama is een kleine oase aan een stroompje (22°54’31.14”Zuid 68°12’00.59”West).
Inmiddels zitten we op 2500 meter hoogte. Dat merk ik aan mijn hartslag en ademhaling. Gelukkig vinden we snel een geschikt hostalletje waar we het woestijnzand van ons afspoelen alvorens horizontaal te gaan. De dag erna staan we monter op, maar na een paar stappen merk ik dat mijn lichaam nog niet gewend is aan deze hoogte. Nog maar een dagje rustig aandoen. Wel drinken we lekker koffie op het plein, bezoeken het museum en schuifelen wat door de stoffige straatjes. Huizen zijn gemaakt van witgeschilderde opgestapelde plakken leem, daken van stro met leem dichtgesmeerd en ook de bestrating ziet eruit als harde leem. do, 12/11/2009 - 15:29 - 15_ Huis in het woestijnstadje San Pedro de Atacama ©15_ Huis in het woestijnstadje San Pedro de Atacama
Veel winkeltjes en bedrijfjes zijn gericht op de toerist. Bij Grado10, een pas geopende touroperator boeken we twee excursies. www.turismogrado10.com Dit bedrijf lijkt ons het beste. (Lees ook veiligst.) Om vier uur in de ochtend, het is nog pikkedonker, worden we opgehaald. Eenmaal in de truck zet ik de stoel in de slaapstand en met een dekentje van Grado10 merk ik amper dat er nog 20 andere gasten opgehaald worden bij de diverse gastenverblijven. Twee uur lang denderen we over de stoffige wegen en voor zonsopkomst zijn we op een hoogte van ruim 4000 meter. Af en toe doe ik een oog open en zie door het raam duizenden sterren en planeten. Dan stopt de truck en stappen we uit. Het is -15°C. We bevinden ons op een vlakte waar het sterk naar zwavel ruikt. Met wiebelbenen schuifelen we wat en zien in de verte een geiser. Moeten we daar helemaal heen. Oscar, de reisleider, vertelt ons wat wel en vooral niet te doen en terwijl hij zijn verhaal vertelt zien we steeds meer spuiters, ook dichterbij. We bevinden ons bij de El Tatio Geisers, een geothermisch veld. (22°19’56.22”Zuid 68°00’37.77”West) Omdat we zo vroeg zijn en het nog erg koud is, zijn we getuige van een spectaculair verschijnsel. Onder onze voeten: dunne aardkost op een warme plek, veel water. Buiten: koud, zon nog niet op. Water onder onze voeten wil ontsnappen, zoekt een gaatje en viola! De ene na de andere geiser popt op. Dan weer wat minder, dan weer wat hoger. Het ene Kodakmoment volgt het andere op. vr, 13/11/2009 - 11:03 - 21_ de Tatio Geisers ©21_ de Tatio Geisers
En helemaal als de zon achter de horizon vandaan komt. Klikkerdeklik overal rondom ons. Na een uurtje wordt het verschijnsel wat minder en gaan we naar een plek waar een kom in de aarde zich gevuld heeft met heerlijk warm water. Zal ik het doen of zal ik het niet doen? Ja, ik doe het en zo met mij ook wat anderen. Ik trek mijn kleren uit, een badpak aan en glijd het warme water in. Heerlijk, buiten koud (niet meer zo heel erg hoor, de zon is op) en in het water warm. En terwijl ik me in een sauna waan zie ik dat uit ‘onze truck’ een fornuis klapt en Oscar pannenkoeken gaat bakken. Er worden tafels en stoelen opgesteld. Even later ontbijten we met zijn allen in een restaurant omgeven door geisers. Woaw. Na het ontbijt gaat de tocht met de truck verder naar een kloof waar veel Cardones groeien. Cactussen zoals die van Lucky Luck. We zagen die ook al in Argentinië, in de buurt van Salta, toen we aldaar met mijn dochter Esther en schone zoon Bert een rondreis maakten (zie ook nieuwsbrief 6-2007). Hemelsbreed is dat ook maar 400 km hier vandaan. Hier maken we een wandeling met nogal wat klimwerk. Ik moet toch wel een sterk hart hebben, wat werkt dat ding toch hard vandaag en ik leef nog steeds.
Gelukkig hoeven we de volgende dag niet zo vroeg op te staan, om 8 uur staat de truck weer klaar voor vertrek. Vandaag staat Salar de Atacama op het programma. Een groot zoutmeer. Het ligt ten zuiden van San Pedro de Atacama. Op een vlakte is een meer ontstaan zonder uitstroommogelijkheden. Het water verdampt en het meer wordt alsmaar zouter en als dat maar lang genoeg door gaat, blijft er een dikke zoutkorst over met of zonder laatste laagje water. In het weinige water wat er nog in dit zoutmeer staat groeit een algensoort. Deze algensoort staat op de menulijst van een bepaald garnaaltje wat er vervolgens weer voor zorgt dat wij naar die sierlijke flamingos’s za, 14/11/2009 - 13:15 - 41_ het zoutmeer_ Salar de Atacama ©41_ het zoutmeer_ Salar de Atacama
kunnen kijken die in dit zoute water naar garnaaltjes vissen, the circle of life. Na dit tamelijk droge zoutmeer gaan we naar nog twee meren in de buurt. Laguna Miscanti en Laguna Miñiques. Nu nemen Paul en ik zelfs plaats op het dak van de truck. Het moet toch niet gekker worden. We vallen er niet af en genieten van al het moois om ons heen. Na deze drukke dag nemen we een avondbus terug naar Antofagasta en komen midden in de nacht terug op Nije Faam, die nog lekker aan zijn mooring dobbert.
Verrassing! Op mijn elektronische deurmat ligt een mail van ‘onze Peter’. Hij heeft een vliegticket gekocht en komt over een paar dagen aan in Antofagasta om mee te varen naar Lima. Hartstikke gezellig. Snel maak ik een lijst van boodschappen die ik in Chili nog wil kopen. Die is niet zo lang want ik heb nog steeds voldoende voorraad, voornamelijk uit Argentinië. En Peru is veel goedkoper dan Chili, dus veel boodschappen doen is niet echt nodig. Alleen wel een voorraadje wijn. Tegen de Chileense wijn kan geen enkel land op. Tot Nieuw Zeeland denk ik geen wijn meer bij te kunnen kopen. Maar dat duurt nog een jaar. Hoeveel wijn drinken jullie in een heel jaar? Oef. Ja, het wordt ff sjouwen en stouwen, maar dan ligt Nije Faam 200 liter dieper. Niet verder vertellen hoor. Anders krijgen we een file van bootjes achter ons aan de Pacific in.
Zodra we Peter verwelkomt do, 19/11/2009 - 21:33 - 53_ Peter monstert aan op Nije Faam ©53_ Peter monstert aan op Nije Faam
hebben gaan we de verse spullen inkopen. Paul maakt een afspraak met Armada, Immigratie en Douane. Die komen vanmiddag… Dachten we... Nee dus... Vrijdagavond toch maar even contact opgenomen met de marifoon. Morgenochtend om negen uur, dan zijn we er. En inderdaad zien we een douanier onze kant op komen, en even later de andere twee instanties. De douanier is niet vrolijk. Onze papieren kloppen niet. We zijn nu bijna negen maanden in Chili en we hadden zes maanden geleden al een verlenging van onze bootpapieren moeten regelen. Verontwaardigd vertel ik hem dat ik dat ook gedaan heb en drie maanden later nog eens. Via email. Hij, hier van Antofagasta, kon hierover niets vinden. Maandag op kantoor komen! Ja Hallo. Na veel zeuren neemt hij me mee naar een ander kantoor van de douane in de commerciële haven. Die van de Armada en van Immigratie gaan maar weer terug naar huis. Nu er stront aan de knikker is doen die ook niets meer. Op het kantoor van de commerciële haven laat ik via internet zien dat ik wel verlengingen de deur uit gedaan heb. Toch kunnen ze ons niet laten gaan. Er moet een onderzoek komen. Ku…Cola! Zaterdagmiddag horen we ook nog dat we om twee uur ontboden worden voor een onderzoek. Een luxe auto haalt ons op en brengt ons (Paul, Peter en mij) naar een afdeling van recherche. We worden ondervraagd en er staan een heleboel geüniformde jongens rondom ons. Het ontbreekt er nog maar aan dat ze een geweer op ons richten. Als ik verontwaardigd omdraai en zeg: ¿No somos crimineles? (Wij zijn geen criminelen?), gaan ze toch wat meer ontspannen en wat opzij staan. Zijn we nou een attractie voor hen of hoe zit het? Helemaal duidelijk wordt mij dat niet. Na wat standaard vragen worden we weer ‘vrij’ gelaten, maar met de boot vertrekken zit er nog niet in. Deze toestand is wel een tegenvaller, zeker nu we Peter bij ons hebben. Gelukkig is zijn terugvlucht pas over twee weken, we kunnen ons wel wat vertraging permitteren. Het kan verkeren.
Van de extra tijd hier maken we gebruik door een uitstapje naar La Portada te maken. La Portada is een zandformatie aan de kust een stukje noordelijker, in de vorm van een boog. Een stadsbus trakteert ons een uur lang op alle achterbuurten van Antofagasta en brengt ons tot de rand van de stad weg. Nu nog een paar kilometer door het mulle zand lopen, en we komen bij het icoon van deze stad. za, 21/11/2009 - 23:34 - 59_ Stadswandeling naar begraafplaats ©59_ Stadswandeling naar begraafplaats
Van bovenaf bekijken we alles en lopen daarna nog een tijd onder over het strand. Vanaf hier zien we ook hoe de wind en het water vat hebben op de kust, die hier bestaat uit een dikke laag Atacama woestijnzand.
Na nog een zondagje in de stad zwerven is het snel weer maandag. Klokslag half negen staan we gedrieën op de stoep van de Douane. Hier zijn we getuigen hoe de week op zijn zuid Amerikaans begint, ofwel op zijn elfendertigste. Maar, omdat we blijven zitten, moet een meneer die duidelijk nog nooit de cursus “hoe houd ik mijn bureau leeg” gedaan heeft, toch in beweging komen. Tussen de stapels dossiers door gluurt hij ons aan. Gelukkig krijgt deze man snel versterking van iemand die kordater optreedt. Hij belt naar Punta Arenas en geeft ons te kennen dat er snel een antwoord komt. Kom vanmiddag maar terug. Paul en Peter weg, maar ik blijf met een goed leesboek, in de hal zitten wachten. Regelmatig word ik op de hoogte gehouden van de stand van zaken; er komt snel een antwoord mevrouw, er komt snel een antwoord mevrouw, er komt snel een antwoord mevrouw. Denken ze soms dat ik Alzheimer heb? Ik blijf hier zitten zodat jullie aan het werk moeten en wel meteen!!!! Het helpt. Na een uur of wat komt de uitslag.
De verlengingen van de douane papieren voor de boot zijn kennelijk wel in Punta Arenas aangekomen. Maar………..één dag te laat!!! Vette pech. Artikel zus Artikel zo. “We kunnen jullie een boete opleggen van 10% van de waarde van de boot per dag”. Gggrzz……….. Ik probeer zo neutraal mogelijk te kijken…. “Maar daar kunnen we wel wat aan doen”…. Nou, doe het dan denk ik. Hij terug zijn kantoor in, ik in mij boek. Dan krijg ik een brief onder mijn neus, een boete van 20.000 Chileense pesos, zo’n €25 en de zaak is afgehandeld. Niet eens onder de tafel door, maar betalen via de bank. “Tot wanneer is de bank open?” Nog een half uur. Ik roep Paul op met de marifoon en we racen naar de bank. Ook daar staat een rij voor het betaalloket. Gut gut, wat een land. Net op tijd hebben we het betaalbewijs in handen en hiermee krijgen we van de douane onze ‘vrijwaringspapieren’. Die middag komt de Armada met onze zarp voor Gallao, de havenstad van Lima en de immigratie komt onze paspoorten stempelen.
We kunnen vertrekken. Jippie. Maandagmiddag 18.00 uur lokale tijd gooien we in Chili onze trossen voor de laatste keer los. Dag Chili. We hebben genoten van je. Van het ijskoude diepe zuiden, Patagonië, van Isla de Chiloé, van Valdivia, van het merengebied, van Robinson Crusoë Eiland, van Coquimbo en La Serena én Elqui Valley, en ook van Antofagasta én de Atacama woestijn.
Hiermee wil ik deze nieuwsbrief van november beëindigen. Ik ben nog lang niet uitverteld van onze belevenissen, maar ik wil jullie nu niet langer vermoeien. Wie weet schrijf ik of onze Peter, nog een vervolgstuk. We zien wel.

Mariëtta, 30 november 2009

Niet vergeten: 11e gebod: gij zult genieten.
Volgende keer meer!

Locatie: